Crowdfunding: Waar moet je als kunstenaar op letten?

8 Kritische noten en practische tips.

Als kunstenaar is het momenteel niet makkelijk leven in Nederland. Het wemelt van de dubieuze cowboys met vage constructies die veel beloven maar er overduidelijk niet zijn voor de kunstenaar of de kunsten. Daartussenin zijn er gelukkig ook crowdfundingprojecten die er wel zijn voor de kunsten. Wel is het verschil in kwaliteit groot te noemen en  moeten de kunstenaars zich extra goed oriënteren op de verschillende CF constructie en hun beloften. Vaak gooit men met kreten als “voor iedereen”,  “beslis mee”. Stel jezelf gerust de vraag of dit allemaal wel klopt.

De democratiseringsgraad van de kunsten overdrijft men nogal eens: in de eerste plaats valt er weinig te democratiseren (de deur staat voor jou net zo wijd open als voor ieder ander) en in de tweede plaats hoéf je het niet mooi te vinden en draait de wereld gewoon verder. Voorts kun je je afvragen wat de democratiseringsbelofte van het crowdfunding-project wel zo zuiver is: niet iedereen gebruikt die site, niet iedereen heeft zin om te gaan stemmen en komen toch naar je project kijken. Schiet je er echt iets mee op? Een vraag die je jezelf op meerdere manieren kunt stellen.

Dat heeft natuurlijk een reden. Crowdfunding werkt alleen maar als er een mate van urgentie word gesuggereerd, er een tijdslimiet aan is verbonden (binnen zoveel dagen moet je zoveel stemmen zien te krijgen) en een ander hoger doel aan de belofte verbindt dan bv. de kunsten. Milieu is een populaire maar kan net zo goed de derde wereld zijn.

Ook CF-projecten die een duidelijke en betrouwbare afzender hebben, zijn niet altijd een geschikte partner voor jou, als professional. Sommig voormalige productiehuizen, die het kleine beetje overgebleven te verdelen subsidies nu in een soort kermisattractie-achtige tombola moeten gooien:  Denk na over deelname voordat je je er op stort. Veel argumenten zijn vóór, maar zeker ook enkelen tégen.

Een inleiding die wat cynisch oogt, maar je moet je als kunstenaar wel afvragen welk crowdfunding-project voor jou geschikt is en welke niet.  Je verkoopt geen vis per kilo op de markt. Blijf kritisch!

Hieronder enkele tips en vragen.

1. Wie is de afzender?

Wat is de status van de afzender? Heeft de organiserende partij een voorgeschiedenis die ergens over gaat, binnen jouw discipline? Verkopen ze stroom of promoten ze innovaties? Kent hun belofte meer lagen waar je iets aan zou kunnen hebben?

Roy Cremers van www.voordekunst.nl zegt:

“ Het gaat daarmee niet alleen om geld: “Het is wat mij betreft ook voor een heel groot deel het creëren van draagvlak, laten zien wie achter jouw project staan, wie voor de kunst zijn”.

Als je publiek gaat googlen op je concept, komen ze dan de door jou gewenste inhoud tegen? Of eerst 200 keer de naam van een stroombedrijf?

Werk je met meerdere financiers, sponsors en subsidianten? Hoe kijken die aan tegen het gebruik van het crowdfunding-project? Andere bijdragen kunnen afzonderlijk misschien minder groot zijn, maar ook zij verbinden hun naam aan je project. Maak goeie afspraken met de evt. geldschieters hierover. Misschien willen ze je juist wel helpen via hun eigen netwerk om stemmen te vergaren voor het crowdfunding-project.

2. Zet de beloning echt zoden aan de dijk?

Als de beloning E. 5000 euro is, is dat een leuk bedrag natuurlijk. Maar schiet je er percentueel mee op? Als het maar 15% van het totaalbudget van je productie bedraagt, kun je je afvragen of het wel de moeite waard is om mee te doen.  Alle beetjes helpen is dan niet een argument waar je je aan moet stoten. Aan een crowdfunding-project meedoen, kan ook je imago schade aandoen.

3. Wie zijn je medespelers?

Als je al 15 jaar op professioneel niveau bezig bent met je vak, wil je best komen voorspelen, auditie doen, concepten bijschaven naar wens van de opdrachtgever… Allemaal  manieren om gebaseerd op inhoudelijke criteria, aan de praktijk tegemoet te komen. Ook wil je best de discussie aangaan met vakgenoten. Als je je sporen al hebt verdiend wil je ook graag in het gezelschap verkeren van mensen die op hetzelfde niveau werken als jij.  Met deelname positioneer je jezelf en je project ook. Als je professioneel muzikant bent met een serieus project en je mededingers zijn amateurs, kun je je afvragen of het een goed idee is om ook mee te doen.

4. Risico’s: Een concept met eigen titel en kenmerken is minder risico naamverlies.

Ben je niet zeker van de status en waarde van een crowdfunding-project? Er kleven minder nadelen en meer voordelen aan het insturen van projecten met een eigen naam/titel, dan je eigen naam rechtstreeks verbinden aan het crowdfunding-project. Mocht je project het toch niet worden of te weinig stemmen werven, is jouw naam daar niet direct mee verbonden. Een eventuele reputatieschade aan een project, herstelt zich veel sneller dan die aan een persoon.

5. Breng gang en voortgang aan in je crowdfunding-inzending.

Maak je concept niet afhankelijk van alleen deelname aan het crowdfunding-project. Of het nu wel of niet als “winnaar”  uit de bus komt, het project bestaat en het komt er. Daarvoor heb je wel de hulp nodig van de stemmers, maar er zit gang in, er zit voortgang in. Dit komt professioneler over en je stemmers hebben niet het gevoel hun stem in een bodemloze put te gooien.

6. Zorg dat je concept ook “geeft” en niet alleen “vraagt”.

Deelnemers weten dat je hun steun tracht te winnen voor geld voor je concept. Je zit aan de vragende kant van het verhaal. Zorg dat je hen ook iets “geeft”.  Dit hoeft niet per sé iets tastbaars te zijn, maar zorg dat op je website (als je een link naar je site mag plaatsen) bijvoorbeeld vrijkaarten weggeeft, een verdieping kunt geven aan hun stem (vrienden, e-mailinglijst) of hun stem kan verdiepen door een bepaalde status te verlenen aan hun deelname. Zo zou je op je site een simpel formulier kunnen maken voor reacties, mocht dit niet op de site van het crowdfunding-project aanwezig zijn.

7. Gebruik promotionele mails via Crowdfunding-projecten.

De meestre crowdfunding-projecten hebben de mogelijkheid jezelf (of in de meeste gevallen: de naam van de organiserende partij), automatisch via de sociale media en bv. gmail en linkedin te promoten. Start als het kan met de mensen uit je eigen netwerk en vraag hen eerst door te sturen. Dit kán je een voorsprong geven tov anderen omdat het met snel, veel stemmen, al snel bovenaan komt te staan. Dit trekt ook anderen buiten je netwerk aan om te stemmen. Bovendien zullen mensen uit je eigen netwerk eerder geneigd zijn om opmerkingen achter te laten op je profiel. Hou in de gaten dat op bijvoorbeeld linkedin vaak heel andere omgangsvormen gelden dan op Facebook en Twitter. Je praat waarschijnlijk met collega’s en aanhangers via linkedin en dat vergt een andere toonzetting dan je publiek op Facebook en Twitter. Op linkedin zal men het waarderen wanneer je hen “persoonlijk” aanspreekt, door hun verbintenis met jou en je werk te bevestigen in het berichtje aan hen.

8. “Praat”  met je stemmers via Facebook, maar hou het geloofwaardig.

De kans is groot dat men bij het stemmen op je project ook kan “leuk vinden”, via een like-knop op die site. Als het goed is, zie je dat zelf terug op Facebook. Anders kan je op je eigen site alsnog een like-knop zichtbaar maken. Ga vervolgens op je Facebookpagina met mensen “praten”  door hen bijvoorbeeld te danken voor de stem en in je status-updates bekend maken dat er een nieuwsbrief zit aan te komen.  Iemand die dat heel goed in de gaten heeft is de Bosschge kunstenaar Michiel van de Weerthof.

Bekijk hier zijn facebookpagina Hij deed mee aan het CF-project www.voordekunst.nl

Probeer de verleiding te weerstaan al te vaak op te roepen tot stemmen, via FB. Mensen hebben vrij snel door dat je ze probeert te sturen. Kies je voor praten met je doelgroep op Facebook? Zorg dan dat je niet automatisch berichten doorplaatst vanuit Twitter. Dit is een absolute “engagement-killer”  voor je Facebookconversaties. Bovendien heb je niet te maken met dezelfde soort lezers. Facebookers hebben vaak andere motieven om je pagina te bezoeken en je status-updates te lezen, dan Twitteraars.

[fblike]