visualisatie tafel1

Placemaking, Social design

Placemaking, Social design,

Placemaking is planning, design management en (her)programmeren van publieke ruimten. Meer dan alleen de ruimte verbeteren, faciliteert het patronen of activiteiten en connecties, die een plek tot een plek maken.

Recentelijk is placemaking een hot item, vanwege de toenemende technische mogelijkheden om zowel gemeenschappen in beeld te brengen en live te visualiseren, als toenemende mogelijkheden om gemeenschappen via diezelfde technologie, direct te manipuleren. Op een goeie manier maar er zijn ook donkere kanten aan, waar we alert op moeten zijn.

Het designproces is altijd een proces van actie en interactie; Design is een levend organisme, waarvoor de infrastructuur al bestaat, maar bij verandering wel natuurlijk moet aanvoelen.

Creativiteit binnen social design is een krachtig middel om op een innovatieve manier mee te verbinden, op velerlei verschillende lagen.

In de age of big data kan een stad als plek niet zomaar als een rode kleur op een visualisatie worden gezien, die met een druk op de knop blauw gemaakt kan worden. De bewoners en gebruikers van een stadsgebied, nemen deel aan complexe netwerken, die tot buiten het leefgebied reiken, en waarvan zij- als gebruiker van mobiele technologie, niet alleen onderdeel zijn, maar ook een deel van de mobiele infrastructuur van de stad vormen. Een deel van de stad is niet zomaar aan te passen als je niet weet hoe al die verschillende netwerken in elkaar overvloeien. Daarnaast denkt men vaak dat in armere wijken, de cohesie onderling heel sterk is, maar men vergeet vaak dat het daar ook een gebrek aan mobiliteit is, waardoor men elkaar kent. Beter kent, is nog de vraag, maar men herkent elkaar in ieder geval sneller en men komt elkaar vaker tegen op straat.

Elke meter stad gebruiken?

Per definitie bestaan er geen ” lege ” ruimtes in de stad. Het is vooral een vraag van wie ze opmerkt en welke bestemming daar voor bedacht is. Vaak kiest men voor een economisch model om die ruimtes op te vullen met activiteit en bedrijvigheid.

Planning is persuasive story telling about the future (J. Throgmorton)

Maar men ziet een paar dingen over het hoofd:

Wie ziet ze?

Via zeer geavanceerde urban planning- en visualisatietools, valt makkelijk in kaart te brengen welke ruimtes voor welk doel gebruikt worden en door wie. Deze software is weliswaar in toenemende mate open-source en vrij toegankelijk. Echter wanneer overheden de techniek gebruiken om aan urban planning te doen, geeft dit hen een onevenredig grote macht en invloed ten opzichte van de mensen die daar leven en bewegen. Zeker wanneer men “zwakke” buurten wil aanpakken, is de onderliggende problematiek groter dan alleen een economisch probleem.

Waarom zijn ze er?

“Lege” en “ongebruikte” ruimtes in een stad, zijn ontstaan vanuit een veelheid van bewegingen, waarvan de meeste in de historie van de stad zijn ingebed. Een “lege” plek in de stad, kan zijn ontstaan omdat er bijvoorbeeld geen noodzaak was om daar met veel personen, tegelijkertijd te zijn. Om die reden zijn er ook geen voorzieningen omheen ontstaan en ontstonden er andere beroepen, die door de eeuwen heen elkaar in stand hielden. Zo ook eventuele status en welvaartsniveau. Als je kijkt naar de toegangswegen van middeleeuwse steden, zie je dat de aanlendende percelen in de zijstraten van de toegangswegen, vaak vrij arme wijken zijn. Of een hofje of plein nu wel of niet “ongebruikt” bleef.

Drukte in de stad en “border negotiation”

De stad is een druk bevolkt gebied. Toch raken we niet dagelijks slaags met elkaar. De mens heeft allerlei manieren ontwikkelt om dicht bij elkaar te leven, en toch te voorkomen dat men en masse met elkaar in gevecht raakt. Zo zijn groepjes in een park, die met elkaar staan te praten, vaak binnen gehoorsafstand van elkaar te vinden. Als je op de bus staat te wachten met een aantal personen, zijn er manieren om aa de ander te laten zien dat je er bent, dat je de ander ziet en dat je weet dat hij jou heeft gezien. Dat doe je met blikken, door even te kuchen, door snelle bewegingen te maken. De mens is een kei in het laten ontstaan van manieren om elkaar de ruimte te geven. De zogenaamde “ongebruikte”  plekken in de stad, zijn daar een voorbeeld van. Vergelijk het met een kamer zonder ramen. Als er in de deuropening een licht brandt, weet je in elk geval dat je daar heen kunt, mocht je dat willen. Het is een ruimte die uitnodigt om de ander op te zoeken en te late zien dat je er bent, en de ander (ook groepen) zich veilig kan voelen.

Wie claimt het gebied, in naam van wie?

Een gebied in de stad is van de stad, de stad van de mensen en de mensen voelen zich stadsbewoner, binnen een gedeeld gevoel van een natie.  Maar de terugtrekkende overheid en de vervaging van grenzen- ook landsgrenzen, naast de maatschappelijke en technologische ontwikkelingen, die het idee van een natie-staat en landsregering vervlakken, is de overheid in steeds mindere mate de overkoepelende belichaming van een identiteitsgevoel. In steden behoren steeds meer publieke of semi-publieke delen tot geprivatiseerd gebied. Niet alleen instituties als ziekenhuizen en scholen, ook winkelstraten, zelfs monumenten en musea- vaak dragers van onze identiteit, ontsnappen aan onze collectief, gedeeld gevoel van bezit. Zelfs al claimt men het gebied met goede bedoelingen, is samenwerken met bedrijfsleven onvermijdelijk.

Local Code remnant places

Is urban placemaking democratischer geworden?

In hoeverre is urban placemaking en urban planning nu echt democratisch? De beschikbaarheid van de tools? De verkregen inzichten? Naar mijn mening geen van beiden. Waarmee niet gezegd is dat ze niet kunnen politiseren, invloed kunnen uitoefenen en emanciperen. Maar daarin ligt nu precies mijn bedenking. Aangezien de locatie en de persoon in de stad, nogsteeds niet zonder elkaar kunnen, moet je zorgen dat plaats en mens, via gelijkwaardige methoden worden “bespeeld”. Geen kwestie van goed of slecht, maar in een stad is niet iedereen gelijk, niet iedereen kent een zelfde niveau van welvaart, anderen achterstand. Dus de tools waarmee een stad te bespelen zijn, kunnen wel een hoogst democratisch gehalte hebben, de toegang tot alle functies die je met de tools kunt visualiseren, laat juist die ongelijkheid zien. Dat geeft je als overheid een machtspositie die onevenredig groot is aan de impact die beslissingen hebben op het leven van de mensen in de stad.

 Urban morfologie als design legacy

Subjectieve normen worden gezien als een belangrijke antecedent van de beslissing om informatietechnologie wel niet te adopteren. Hoewel sociale druk van voor inwoners belangrijke mensen kan aanmoedigen mee te doen aan citisen science, is het niet waarschijnlijk dat dit aanzet tot een hoge vorm van participatie op deze schaal

In dit verlengde is het ook niet verkeerd om te wijzen op de fysieke gevolgen van urban planning- puur in organisatorisch opzicht. De participatieplanning is er een die nog de contouren van overheidsbeleid volgt. Er is een hoge institutionele densiteit. Als je een stationsgebouw bestuurt met een afwijkende organisatiestructuur, moeten de andere stations hier op zijn minst weet van hebben en dit accepteren. Echter blijven de treinen wel op dezelfde tijden alle stations aan doen, over dezelfde rails. Dus de vrije organisatiestructuur van het station in dit voorbeeld- hoe innovatief ook -vormt zich alsnog naar een bestaand ritme. Ze bouwen en innoveren, maar erven de designkenmerken waarmee we ons denken en doen hebben vormgegeven.
Sinds de industriele revolutie zijn we een in en in-geserialiseerde samenleving geworden, in ons doen en denken, in ons tijdsbesef en ook in de instituties die we hebben opgeworpen. Dat stopt niet bij het commercieel maken van een museum. Als je een doelgroep mee krijgt, bij de herplanning van een deel van de stad, moet je eerst wel heel zeker weten dat dat ook daadwerkelijk “de” doelgroep is. Men beweegt zich weliswaar over verschillende lagen door de stad, maar tijd, ruimte, taal, stedelijke narratieven…. ze worden allemaal vanuit een sense of place bekeken. Een gevoel van identiteit, fluïditeit van grenzen en border-negotiation, veranderende conceptuele kenmerken van fysieke gebieden en image.
DOWNLOAD als PDF: Social Design blog

Ter afsluiting 2 artikelen over verschillende typen placemakingtechnieken:
Creative place-making Part I: Communicative Ecologies and Asset Mapping within Wards Corner Community Coalition.

en

Creativity & Placemaking: Building Inspiring Centers of Culture

Voorbeelden van urban design en placemaking software

Civic Data Design Lab

http://www.civicdatadesignlab.org/

Cityscope real-time data observatory

http://cp.media.mit.edu/city-simulation/

Nog veel meer tools, software en artikelen op de links en tools pagina’s